Recensie: De wiskunde van muziek

Ik was zelf altijd beroerd in wiskunde, ooit, op de middelbare school. En mijn prestaties in aanpalende vakken als natuur- en scheikunde waren eveneens ruimschoots benedengemiddeld, eufemistisch gezegd. Toch heb ik het altijd betreurd, ergens in een zelfoverstijgend hoekje van mijn bewustzijn, dat ik nooit grip heb kunnen krijgen op de getalsmatige abstracties van het universum; ik vermoed dat daar geheimen versluierd zijn gebleven die ik graag had leren kennen. Maar goed, het zij zo. Ik troost me met de gedachte dat je nu eenmaal niet alles kan kunnen.
Een minder clichématige troost vind ik ook in het feit dat muziek veel wis- en natuurkunde bevat. Of eigenlijk vooral natuurkunde. En wat begon als een doekje voor het bloeden (“Muziek is de wiskunde die ik tenminste snap”), heeft in de loop van de tijd steeds meer inhoud gekregen. Allereerst natuurlijk het wonderlijke feit dat die georganiseerde combinaties van frequenties door ons herkend worden als muziek! Hoe kan dat toch? Maar ook de getalsmatige verhoudingen tussen tonen (intervallen), hoe die nét niet kloppen door die verdraaide ‘pythagorëische komma‘ (voor mij altijd een aanwijzing dat muziek uiteindelijk ook weer meer is dan wiskunde), de ideeën over de ‘harmonie der sferen‘. Maar even fascinerend vind ik hoe componisten in de loop van de eeuwen composities op die ideeën hebben gebaseerd. Neem bijvoorbeeld Bachs ‘Wohltemperierte Klavier’, waarin hij experimenteert met de pas ontdekte stemwijze die het mogelijk maakte zonder bijstemmen in alle toonsoorten te spelen, en dus tussen toonsoorten te wisselen. Om nog maar niet te spreken van Bachs slinkse manieren om getallensymboliek in zijn werken te versleutelen. Maar ook de compositietechnieken in de 20ste eeuw van Schönberg tot Boulez, die daarmee zochten naar een andere muzikale organisatie dan het ‘mooi klinken’ dat in de voorgaande eeuwen zo bepalend was geweest. En de laatste jaren volgen we de ontwikkeling van het betrekkelijk nieuwe ‘muziekcognitie’, aangevoerd door wetenschappers als Henkjan Honing, waarover in dit interview meer te lezen is.
Tegelijkertijd moeten we voorzichtig zijn met al te vanzelfsprekende en verleidelijke verbanden tussen wiskunde, natuurkunde en psychologie: de kosmos maakt muziek, Einstein speelde prachtig viool (not!), Bach was eigenlijk een wiskundige (not!!), en van klassieke muziek word je slimmer (not!!!); dit artikel plaatst een aantal zinnige kanttekeningen bij onze behoefte om getalsmatige en zelfs wiskundige verbanden te zien in het muzikale universum.
Maar wie toch wat wil begrijpen van de meer bèta-georiënteerde aspecten van het fenomeen muziek (of simpelweg geluid), kan nu voor een zacht prijsje het boekje ‘De wiskunde van muziek’ aanschaffen. Ik trof het aan bij de ramsj van de Nijmeegse ‘Dekker vd Vegt’, voor €9,95.
Superinteressant!

De wiskunde van muziek
Ritme, resonantie en harmonie
Javier Arbonés & Pablo Milrud
Uitgeverij Librero
€9,95

Muziek per stuk 10 oktober: Beethovens Eroica

De eerste avond in de gloednieuwe serie ‘Muziek per stuk’ was een succes, en bovendien een mooie avond. Centraal stonden de ‘Goldbergvariaties’ van Bach. Een recensie wilde ik eigenlijk niet schrijven erover, maar wel dit: De 30 variaties worden voorafgegaan en afgesloten met exact dezelfde prachtige ‘aria’. Aan het begin van het stuk is het nog onontgonnen terrein; de aria klinkt nieuw. Aan het einde klinken in dezelfde aria alle variaties die we hebben gehoord nog na, als een (terug)blik op een ongelooflijk rijk universum, en het einde van een reis die ons (terug)voert naar de kern…. en eenvoudige en kwetsbare aria.
Een halve avond praten, analyseren, filmpjes kijken en luisteren verdubbelde het gevoel van ‘al die mogelijkheden’, dat duizelingwekkende universum. Maar dat verdubbelde ook de kracht van de laatste aria: niet alleen deze prachtige compositie werd er mee afgesloten, maar ook een mooie avond, waarin alle informatie en verhalen interessant waren, maar de muziek zelf toch altijd de onbeschrijflijke kern blijft.

Op de tweede avond op 10 oktober zullen we een volgend monument aanpakken: de derde symfonie van Beethoven, ook wel bekend als de ‘Eroica’. Wat is er zo bijzonder aan dit werk? Begon met deze symfonie de romantiek? Wie is hier de ‘Heroïsche’, de held? Napoleon? Prometheus? En hoe laat Beethoven dat dan horen in de noten die hij componeerde?
Schuif aan op 10 oktober, om 19.30 uur, in de sfeervolle stadsvilla ‘Saxon Holme‘, en maak het allemaal mee.

Of luister alvast tevoren naar deze uitvoeringen van Philippe Herreweghe, Daniel Barenboim of Nathalie Stutzmann.

Adres: Javastraat 104A
Kosten: €10,- contant te betalen
Aanmelden is handig, maar niet noodzakelijk.

Recensie: Chopin, de biografie

Ik ben niet zo van de astrologie, maar als ik het aantal componisten dat rond de jaren ’10 van de 19de eeuw ter wereld kwam eens op een rijtje zet, dan zou ik bijna van mijn ongeloof vallen. Komt ie: 1803 Berlioz, 1809 Mendelssohn, 1810 Schumann en Chopin, 1811 Liszt, 1813 Wagner en Verdi. En met uitzondering van Verdi hebben ze elkaar ook allemaal in meer of mindere mate gekend, en zelfs goede vriendschappen onderhouden. Dat levert in deze biografie passages op die me sterk het gevoel geven dat ik erbij had willen zijn, desnoods als de spreekwoordelijke vlieg op de muur. Dat zou dan een muur geweest zijn van een van de vele luxueuze Parijse appartementen waar de soirées plaatsvonden die gefrequenteerd werden door toutes Paris. Liefst was ik aanwezig bij de in het boek beschreven avond bij Chopin zelf, waar onder anderen Liszt en zijn minnares Marie d’Agoult waren, Heinrich Heine, en natuurlijk de latere geliefde van Chopin, George Sand. De aanwezigen voerden politieke en filosofische discussies, waarvan de sigaren rokende en in mannenkleding gehulde Sand zich overigens verre hield (Chopin zou later benadrukken hoe onaantrekkelijk hij haar vond: “is dat wel een vrouw?”).
Maar later op de avond kropen Chopin en Liszt samen achter de piano om de aanwezigen te verbijsteren met hun spel…. (OMG!).
De auteur Zamoyski, zelf ook van Poolse afkomst, geeft uitgebreide beschrijvingen van de contacten en vriendschappen die Chopin en de zijnen onderhielden. De correspondenties leveren tal van citaten op die het beeld alleen nog maar van meer scherpte en kleur voorzien, en dat is geweldig om te lezen. De biografie concentreert zich daarmee wel vrijwel volledig op het verloop van Chopins persoonlijke en sociale leven, en veel minder op zijn muziek. Die komt zelfs nauwelijks echt aan bod, wat mij betreft nogal een gemis. Dat vraagt meteen om de kanttekening dat Chopin zelf ook niet echt meewerkte; hij heeft nauwelijks iets behulpzaams gezegd over zijn muziek of zijn manier van componeren, hooguit over de moeite die het hem vaak kostte om de muziek in zijn hoofd op papier te krijgen.
De auteur weet wel enige diepte te geven aan de bewering dat Chopins liefde voor Polen en de Poolse muziek altijd aanwezig is gebleven, ook al is hij na zijn twintigste nooit meer terug geweest in zijn vaderland. In dat licht krijgt ook de politieke situatie in Europa redelijk veel aandacht, waarbij hij zuiver beschrijft hoe Chopins muzikale nationalisme nauwelijks politiek was, maar veel meer persoonlijk. En daar zit ‘m voor mij dan toch de kracht van deze biografie; het is een gedetailleerde schets van een uiterst persoonlijk kunstenaar, die mij deed beseffen hoe uiterst persoonlijk ook Chopins muziek is. Alsof we nooit meer echt zullen weten hoe de préludes en nocturnes moeten klinken, omdat daar, in de Parijse salons, de oerversie alleen maar door de componist zelf ten gehore is gebracht.
Waren we maar een vlieg in een tijdmachientje.

Chopin, de biografie
Adam Zamoysky
Uitgeverij Balans
Amsterdam, 2009

Recensie: ‘Muziek onweerstaanbaar als de zee’

Ik was meteen onder de indruk van de schrijfstijl van Emanuel Overbeeke in deze biografie over Claude Debussy.  Hoewel het boek in grote lijnen de levensloop van Debussy volgt, van de wieg tot het graf zullen we maar zeggen, heb je nergens het gevoel gevangen te zitten in een vooral chronologisch perspectief. Dat doet Overbeeke vooral door deze chronologie knap te vermengen en te kleuren met andere perspectieven, net als in de impressionistische schilderkunst waar Debussy zo vaak mee verbonden wordt. (Laat het de man zelf niet horen, want Debussy bestreed zelf te vuur en te zwaard dat hij een impressionist zou zijn, om redenen die in deze biografie helder uitgelegd worden). Eén van die boeiende perspectieven die zich met de jaartallen vermengen zijn bijvoorbeeld de uitgebreide beschrijvingen van de ‘kringen’ waarin Debussy zich zo graag ophield, de soirees (Les Mardis) rond de dichter Mallarmé. Deze schilderen heel doeltreffend het decor van de tijd waarin Debussy leefde, maar komt door de kwaliteit van de beschrijving haast los te staan van de hoofdpersoon van het boek. Daarin zien we Debussy zich ontwikkelen van een zoekende (maar compromisloze) jongeman tot een componist die in de laatste fasen van zijn leven met grote en moeizaam verworven trefzekerheid werken componeerde die van ongelooflijk grote betekenis zijn gebleken voor de 20ste eeuwse muziek.
Maar ook de muziek zelf, en de afzonderlijke composities blijven niet onbelicht; op organische wijze maakt Overbeeke je bekend met Debussy’s taal en esthetiek, om de daaropvolgende hoofdstukken steeds af te sluiten met de bespreking van tal van werken die relevant zijn in het licht van de aspecten van Debussy’s leven en werk die in dat hoofdstuk aan de orde waren. Een mooi gecomponeerd boek dus.
Heb ik nog dingen gemist in ‘Muziek onweerstaanbaar als de zee’? Tuurlijk. We moeten het met wat afsluitende opmerkingen stellen waar het gaat om de enorme invloed die Debussy gehad heeft op de generaties na hem, en zelfs in de muziek van na te Tweede Wereldoorlog. Boulez, een van de weinigen die in dit opzicht wordt genoemd, getuigt daar regelmatig van. Enkele anderen worden wel genoemd, maar inhoudelijk en onderbouwd wordt het nergens. En wat te denken van de jazzmusici, zoals bijvoorbeeld Bill Evans, die zelf steeds beweerden zo door de Franse meester te zijn beïnvloed? Ik was toch wel benieuwd geweest naar de kijk van de schrijver hierop.
Maar al met al is ‘Onweerstaanbaar als de zee’ zeker het lezen waard!

‘Muziek onweerstaanbaar als de zee’
Emanuel Overbeeke
Uitgeverij In de walvis / Boekhandel Roelants
Nijmegen, 2012

Hier vindt je het boek bij Bol.com

Nieuwe serie: “Muziek per stuk”

Iedere tweede dinsdagavond van de maand zal de KlankZaak in één enkele compositie duiken. Duik mee, beluister de muziek en de verhalen, maak kennis met de componist, de opdrachtgevers, de musici, de uitvoeringen.
De werken die aan bod gaan komen worden ruim van tevoren bekend gemaakt, inclusief youtube-link, dus het is mogelijk (zeker niet verplicht) om het werk alvast zelf te beluisteren. Als je het niet al kent 🙂
Aanmelden wordt op prijs gesteld, maar hoeft niet; voor €10,- contant kan iedereen aanschuiven in de sfeervolle serre van de monumentale stadsvilla ‘Saxon Holme‘ in Nijmegen.

De eerste dinsdag zal zijn op 12 september, van 19.30 uur tot 21.30 uur.
Ik kon geen mooier begin van deze serie bedenken dan de betoverende ‘Goldbergvariaties’ van Bach. Dit rijke geheel van variaties blijkt onder de oppervlakte een ingenieus geconstrueerd meesterwerk voor klavecimbel, dat we tegenwoordig vaak op piano uitgevoerd horen. 

De data van alle dinsdagen van dit jaar op een rij, zet ze in de agenda:
12 september, 10 oktober, 14 november en 12 december.

 

Samen met de bibliotheek

Mooi nieuws! De openbare bibliotheek en de KlankZaak hebben elkaar gevonden, en gaan voor het jaar 2017/2018 een samenwerking aan.
Die samenwerking houdt in dat ik met de KlankZaak een aantal cursussen en lezingen over klassieke muziek zal gaan verzorgen binnen het activiteitenaanbod van de bibliotheek Mariënburg.

De cursus Muzikaal Verhaal zal zowel in het najaar van dit jaar als in het voorjaar van 2018 te volgen zijn. Kijk hier voor de precieze data.

De cursus ‘Gereedschapskist van de componist‘ zal in het voorjaar van 2018 gaan lopen; daarin wordt in 6 zondagmiddagen grondig aandacht besteed aan de elementen waaruit muziek is opgebouwd. Een beschrijving en de data vind je hier >>

In de passieweken van 2018 organiseert de bibliotheek en KlankZaak (de KlankBieb?) een ‘pakket’ rond de Matthäus-Passion: een luisterlezing van mij, een bezoek aan 1 of 2 openbare repetities van het Bachkoor Nijmegen, en natuurlijk de uitvoering zelf. De data daarvan vind je hier >>

Daarnaast zal er ook een kindercollege ‘Ik hoor, ik hoor, wat jij niet hoort!’ georganiseerd worden, voor kinderen van 7 t/m 12 jaar. Nieuw en spannend terrein voor mij!

Meteen inschrijven kan hier >>

Nieuwe cursussen voorjaar 2017

De cursus ‘Muzikaal Verhaal‘ zal komend voorjaar op 2 locaties worden georganiseerd.
Voor iedereen die graag eens zou willen worden rondgeleid in die prachtige maar soms ook wel intimiderende wereld van de klassieke muziek. Voor iedereen die meer muziek wil leren kennen, en die bekende muziek beter wil leren kennen….

De cursus wordt georganiseerd in:

  • een gezellige huiskamer in de Aldenhof, tweewekelijks op donderdagavond,
    van 19.30 uur tot 21.30 uur, vanaf 23 februari 2017 (eindigt in juni)
  • de sfeervolle Villa Saxon Holme, wekelijks op donderdagochtend,
    van 10.00 uur tot 12.00 uur, vanaf 9 maart 2017 (eindigt in mei)

U betaalt €175,- voor 9 ochtenden/middagen van 2 uur, inclusief cursusboek.
De consumpties zijn inbegrepen bij de prijs.

Hebt u belangstelling? Of weet u mensen die (ook) belangstelling zouden kunnen hebben? Neem contact op met de KlankZaak!

Ik sta in de krant!


Zoals dat hoort in de krant trekt de kop “Ik sta in de krant!” wat meer aandacht dan de inhoud rechtvaardigt: ik kreeg een interview in het wijkkrantje van Nijmegen-Oost, waar ik uiteraard ook inwoner van ben. Best leuk geworden, dus geen reden om het ook niet even op mijn website te zetten. Bij deze!

Vivaldi en de jaargetijden

Concertzaal Cultura, Ede

Concertzaal Cultura in Ede

Afgelopen vrijdag gaf ik voor de tweede keer mijn inleiding bij het concert van Het Gelders Orkest ‘Vivaldi – De 4 Jaargetijden’: voor de pauze een symfonie van C.Ph.E. Bach, gevolgd door het vioolconcert in a klein van J.S. Bach, en na de pauze de Vier Jaargetijden van Vivaldi. Een klein ensemble onder aanvoering van de concertmeester van het Koninklijk Concertgebouworkest Vesko Eschkenazy.
Het is meestal een rustig, beetje lonely baantje, dat concert-inleiden. Je meldt je bij de balie, zegt wat je komt doen, en dat wordt je allervriendelijkst ‘doorgezet’ naar de collega’s van de techniek, want in het aparte zaaltje moet de beamer en de microfoon getest. En dan een glaasje water, en klaar voor de start ben je.
Ik ben altijd benieuwd hoeveel mensen de moeite nemen (of de nieuwsgierigheid hebben) om een uurtje eerder te komen, zodat ze een inleiding kunnen horen op de werken die ze uitgevoerd gaan horen worden. Meestal zijn dat er tussen de 25 en de 50.
Ik probeer altijd een goed verhaal te hebben. In ieder geval meer en anders dan er al in het uitgedeelde programma-flyertje te lezen is. Zo min mogelijk jaartallen dus. Zo veel mogelijk context en achtergronden: in wat voor tijd zijn deze werken gecomponeerd? Hoe dachten ze toen over muziek en over hun leven? Hoe moeten we de bedoelingen van de componisten -als we die al kennen- interpreteren? Op die manier probeer ik een eenheid te maken van het programma van die avond, en de bezoeker een extra dimensie mee te geven bij het luisteren.
Ik heb daarbij een mooie prezi-presentatie, zo een die in- en uitzoomt, en mijn verhaal ondersteunt en lardeert met namen, citaten, afbeeldingen en foto’s. En soms zelfs wat toegankelijke analyse.
De laatste keer liep het echter iets anders. In Cultura (Ede) hadden ze een ‘voorconcert’ ingelast, op de plek waar ik anders van te voren zou staan met mijn inleidende verhaal. Dus was me gevraagd om in de zaal zelf 2 x 5 minuten vol te praten. Tuurlijk! Hoe groter het publiek hoe leuker. Maar jee… wat kan ik in 5 minuten vertellen wat niet al in het programmaboekje staat?! Zonder het toch ook wel prettige houvast van mijn flitsende prezi?
Van de beide Bachs kon ik vertellen door het publiek mee te nemen naar die avond aan het hof van Frederik de Grote in mei 1747, waar de verschillende werelden en verschillende tijdperken langs elkaar schampten, die van vader en zoon Bach. We hielden er het magistrale ‘Musikalisches Opfer’ van vader Bach aan over. En een interessant boek van James Gaines ‘Een avond in het paleis van de rede‘.
Bij Vivaldi weidde ik bondig uit over de ‘Ospedale‘ in Venetië, en kon ik even aandacht besteden aan een van de vier sonnetten die ten grondslag liggen aan Vivaldi’s grootste hit.
Er zaten veel mensen in de zaal, veel meer dan ik gewend ben in mijn gehoor. Mijn versterkte stem kaatste de zaal rond, en de spots schenen hinderlijk in mijn gezicht, waardoor ik niemand kon aankijken. Toch ging het eerste praatje redelijk, en het tweede… lekker!
En dan schuif ik aan op een vrije stoel, en geniet van het concert. En er was genoeg te genieten; met name Vivaldi blijft me verrassen door de originele invallen en spannend samenspel tussen de solerende viool en het orkest. Jammer dat het werk bij veel mensen (ook bij mij nog soms) op achterstand staat door de dodelijke overbekendheid ervan.
Het blijft een raar baantje, dat concert-inleiden. ‘Randprogrammering’ is de term geloof ik. Je kunt best gemist worden, maar je voegt toch iets toe. In ieder geval is het leuk om te doen!

Concert- en opera-inleidingen

Inleiding in de Schouwburg Nijmegen bij de opera 'De Parelvissers' van Bizet, oktober 2014

Inleiding in de Schouwburg Nijmegen bij de opera ‘De Parelvissers’ van Bizet, oktober 2014

Komend seizoen (’15/’16) verzorg ik weer een aantal inleidingen bij concerten (van Het Gelders Orkest) en opera’s (van Keizer Karelpodia Nijmegen). Hieronder zet ik ze even op een rij:

15 oktober: Verdi – Aida, Schouwburg Nijmegen
5 november: Vivaldi – De 4 jaargetijden, Hanzehof Zutphen
20 novemberVivaldi – De 4 jaargetijden, Cultura Ede
19 januari: Lavinia Meijer, Musis Sacrum Arnhem
2 maart: Verdi – Il Trovatore, Schouwburg Nijmegen
9 april: Strauss – ‘Also sprach Zarathustra’ (oa), De Vereeniging Nijmegen
15 april: Strauss – ‘Also sprach Zarathustra’ (oa), Wilminktheater Enschede
18 april: Danish String Quartet (Haydn en Schnittke), Musis Sacrum Arnhem
23 mei: Jonathan Biss (piano, Beethoven en Schönberg), Musis Sacrum Arnhem

Misschien tot daar!